Nr.37 : Het nieuwe regeerakkoord.


Vorige week heeft de zogenaamde Zweedse Coalitie een regeerakkoord bereikt. Het 147 pagina's tellende regeerakkoord heeft als voornaamste doelstelling om het concurrentievermogen te verbeteren. Naar verluid zouden de maatregelen voorgesteld in het akkoord voor 75% uit besparingen bestaan en 25% uit belastingen.

Het regeerakkoord is een princiepsdocument en van de meeste aangekondigde maatregelen zijn er geen concrete details voor handen.

Hieronder kan u een bloemlezing vinden van de aangekondigde maatregelen die voor u belangrijk kunnen zijn.

Pensioenen:

  • Vanaf 2025 wordt de wettelijke pensioenleeftijd 66 jaar, vanaf 2030 zal dat 67 jaar zijn voor degene die niet aan een 45-jarige loopbaan geraken.

  • Vervroegd pensioen zal vanaf 2017 slechts kunnen vanaf 62,5 jaar en vanaf 2018 slechts vanaf 63 jaar.

  • Indien men geniet van een rustpensioen zal men toch onbeperkt beroepsinkomsten kunnen verwerven. Men zal echter niet verder aan pensioenopbouw kunnen doen.



Sociale maatregelen:

  • Het statuut van zelfstandige wordt versterkt:

    • Verschillen tussen minimumpensioenen van zelfstandigen en algemeen stelsel worden weggewerkt.
    • Tweede-pensioenpijler wordt toegankelijk gemaakt voor zelfstandigen, zodat zij, naar analogie van een pensioenopbouw binnen een vennootschap, een pensioen kunnen opbouwen in het fiscaal kader van de 80% regel.

  • Specifiek voor artsen worden er eveneens maatregelen aangekondigd (hieronder enkele voorbeelden):

    • De regeling voor stages zal herzien worden.
    • De invoering van een aangepast sociaal statuut voor huisartsen en specialisten in opleiding wordt onderzocht.
    • Progressief toekennen van het recht op verplichte derdebetalersregeling bij de huisarts, te beginnen vanaf 1 juli 2015 met patiënten die genieten van een verhoogde verzekeringstegemoetkoming.
    • Verbod op ereloonsupplementen in twee of meerpersoonskamers uitbreiden naar daghospitalisatie in een twee of meerpersoonskamers.
    • ...

Fiscaal:

  • Op korte termijn wordt de forfaitaire aftrek van de beroepskosten in de personenbelasting verhoogd.

  • Er zal een accijnsverhoging op diesel en tabak worden doorgevoerd.

  • Er zal een indexsprong in 2015 zijn. De politiek van loonmatiging zal ook na 2015-2016 doorgezet worden.

  • De bestaande heffing van 10% in het pensioensparen wordt verlaagd naar 8%. Deze verminderde heffing wordt vervroegd ingehouden en gespreid over meerdere jaren (ipv éénmalig op 60 jaar)

  • KMO's kunnen jaarlijks hun belaste winst reserveren op een afzonderlijke passiefrekening. De vennootschap betaalt hierop een anticipatieve (onmiddellijke) heffing van 10%. Deze reserves kunnen dan vervolgens onbelast uitgekeerd worden aan de aandeelhouders in geval van liquidatie. Er kan ook beslist worden om deze reserves uit te keren via een dividend. Gebeurt dit binnen de 5 jaar dan zal een aanvullende roerende voorheffing van 15% geheven worden, indien men langer wacht dan 5 jaar dan zal deze aanvullende roerende voorheffing slechts 5% bedragen.

  • Esthetische chirurgie zal BTW plichtig worden evenals e-commerce vanuit het buitenland.

  • De ouderdomsvereiste van werk aan privé-woningen zal verhoogd worden van 5 naar 10 jaar, dus pas na 10 jaar zullen renovatiewerken aan 6% BTW uitgevoerd kunnen worden.

  • Het stelsel van bijzondere aanslag, de zogenaamde monsterboete van 309%, zal aangepast worden en het tarief zal neerwaarts bijgesteld worden.

  • Het stelsel van de verworpen uitgaven zal hervormd en vereenvoudigd worden.

  • Belangrijk is om op te merken dat er nergens gesproken wordt over een meerwaardebelasting in de personenbelasting.

  • We vinden ook nergens iets terug over de aanleg van het in verleden aangekondigde vermogenskadaster.


Justitie:

  • Een nieuwe gerechtelijke hervorming wordt aangekondigd.

  • Het familierecht zal gemoderniseerd worden. Het huwelijksrecht en erfrecht zullen worden hervormd gegeven de maatschappelijke ontwikkelingen en nieuwe samenlevingsvormen.


Algemeen gesteld heeft deze regering een sterke focus op loonmatiging en het wegwerken van de loonkostenhandicap ten opzichte van de ons omringende landen. Het is de bedoeling om tegen het einde van de legislatuur de werkgeversbijdragen te verminderen tot 25% ten opzichte van +/- 32% nu. Alhoewel het regeerakkoord weinig ingaat op hoe men dit concreet gaat financieren lijkt het er op dat dit vooral door besparingen gerealiseerd gaat worden. We lezen immers dat vooral het ambtenarenapparaat hervormd en gemoderniseerd moet worden.

Sommige van de aangekondigde maatregelen verdienen extra toelichting. We zullen in een volgende nieuwsbrief dan ook dieper ingaan op bepaalde maatregelen en onze bedenkingen en opmerkingen hierover formuleren.

(oktober 2014)